|
De 'Mollenburcht'
te Schoorl (last update 04-07-07) |
|
Op 7 mei jl. werd er door de Heemskerkse archeoloog Jean Roefstra in Beverwijk een lezing gegeven over bestaande en verdwenen kastelen in Kennemerland. Dit was gelijk een goede gelegenheid om eens op bezoek te gaan bij een begunstiger van onze stichting Martien Mol. Martien had al eens vaker aangegeven, joh, als je eens in de buurt bent kom dan eens kijken wat ik in mijn achtertuin heb. Nu is Schoorl van uit Den Haag ook niet het einde van de wereld maar er naar toe gaan is toch wat anders. |
|
|
|
Nu met deze lezing als eindbestemming was Schoorl een leuke tussenstop. Op het hek, wat toegang verschaft tot het huis van Martien Mol, staat de naam ‘Le Chatelet’ wat niets meer betekent als het kasteeltje en je een klein vermoeden geeft van wat je verder gaat tegenkomen. Het grote houten hek geeft toegang tot een fraaie oprijlaan van ongeveer honderd meter. Aan het einde van deze kronkelende oprijlaan staat aan de rechterzijde het met riet gedekte huis van Martien. Een zeer fraai landhuis, in 1935 opgetrokken uit 17e eeuwse bouwmaterialen, van de hand van C.W. Royaards hoofdarchitect bij de Rijksdienst voor Monumentenzorg. Aan de deur word ik verwelkomt door Martien die de thee, in de rijk betegelde keuken, al klaar had staan. |
|
Daarna een rondleiding door het huis waarbij je van de ene in de andere verbazing valt. Langs de wanden betimmeringen uit eeuwenoud meubelhout en tegeltjes van allerlei pluimage. Kostbare antieke tegels uit Delft, Makkum, Harlingen, Amsterdam en Haarlem met schitterende voorstellingen met onderwerpen als molens, kerken, ridders, ambachten schepen etc.. |
|
|
Nog meer van deze tegeltableaus laat Martien zien in een ander gebouw alwaar hij kasten vol met verschillende voorstellingen heeft liggen. Op de vloeren in het huis liggen ook gebakken- en marmeren vloertegels, allemaal hergebruik. De zitkamer heeft een mooie openhaard en glas in lood ramen met luiken. Het trapje naar de opkamer doet tevens dienst als kelder deur. Deze kelder was in vroeger tijd de kolenkelder, heden ten dage staat hier de CV inrichting. |
|
|
We gaan de enorme tuin in, zeg maar gewoon landgoed. Eerst lopen we naar een plek in de tuin waar het de bedoeling was een bibliotheek te bouwen. We komen voor een constructie van 15 x 15 m. Na eerdere toezeggingen van de gemeente om deze te bouwen werd het hem verboden verder te gaan en ligt de fundering op deze plaats weg te teren. Maar Martien heeft nog steeds hoop dat het gebouwtje er komen gaat. We lopen verder en komen langs een bakstenen zuil waar een uitgehakte kop op staat. Na wat zoekwerk van Martien vindt hij de stekkers en stopcontacten en brengt hiermee het systeem in werking waarna de kop water begint te spuwen, in de vijver begint een fonteintje te spuiten en aan de overzijde beginnen de ‘Eufraat’ en de ‘Tigris’ te stromen. Over het hele goed lopen duinrellen die de tuin constant van vers water voorzien. |
|
|
We lopen aan de achterzijde van de burcht door een poortje en komen zo bij een hoek van zijn terrein waar hij, zoals vroeger gebruikelijk, een tuinhuis of theekoepel heeft neergezet, afkomstig van de Floriade 1982 in Amsterdam. We lopen om de burcht heen en komen op de plek van de “verdwenen" Donjon. |
|
|
Daarna nog even het zomerhuis bekijken, menig archief zou hier jaloers op zijn, ik denk 10.000 boeken (als het maar met bouw en bouwwerken te maken heeft) en talrijke tegeltableaus liggen hier verzameld. |
|
Tijd om alle indrukken te verwerken was er ook, met een Texels biertje en een toastje paling zette we ons neder in de openlucht ridderzaal op de ‘Mollenburcht’ waar Martien de open haard aanstak. Na een gezellig gesprek over onder andere een schip, een Helderse Vlet, waaraan hij bouwt, moesten we ons nog haasten om maar op tijd in Beverwijk te kunnen zijn bij de lezing van Jean Roefstra over bestaande en verdwenen kastelen in Kennemerland. |
|
Dhr. Roefstra memoreerde aan het begin van de avond de overleden prof. Dr Jaap Renaud. Prof. Renaud, internationaal bekend als kastelendeskundige, leermeester en inspirator voor Roefstra, is de man die door zijn gedegen archeologisch onderzoek Oud-Haerlem en Oosterwijk aan de vergetelheid heeft weten te ontrukken. |
|
|
Verder maakte Roefstra melding van de stand van zaken omtrent het kastelenonderzoek in Midden-Kennemerland en nieuwe inzichten. Aan bod kwamen o.a. de Curtis Hofflant, het huis Adrichem, kasteel Oosterwijk, slot Assumburg, kasteel Oud Haerlem, het verdwenen stadskasteel aan de Breestraat en Banjaert nabij de Wijkertoren. ’s Avonds om 23.00 uur op de motor terug naar Den Haag waarbij ik mijn gedachten over de afgelopen dag liet gaan. Over de lezing in Beverwijk, welke zeker de moeite waard was, misschien dat we deze voor onze donateurs ook een keertje zouden kunnen organiseren maar bovenal over het imposante landgoed van Martin. |
|