Excursie






 
Last update Foto: dhr. J.C. Brandhorst 01-11-11

Zaterdag 24 september 2011

-

Hollands-Stichts Grensgebied

Beter weer konden we niet hebben op deze late septemberdag. Het kasteel te Woerden lag dan ook blakend in de zon. We begaven ons door de wijd geopende poort naar de ontvangstzaal, de Beierse kamer, gelegen in het middengedeelte van de noord vleugel, waar de geur van de dampende koffie ons tegemoet kwam. Foto: dhr. J.C. Brandhorst

De hier aanwezige sleutelstukken zijn samengesteld uit Bentheimer zandstenen ondergedeelte en houten bovengedeelte. Enige begunstigers hadden zich al geďnstalleerd en langzaam aan kwamen de anderen deelnemers binnen. Zo als altijd begroette men elkaar allerhartelijkst en wisselde men weer de laatste ervaringen uit. Na enige tijd nam Alexandre van den Berg, de organisator van deze dag, het woord en vertelde in groter lijnen hoe de dag verlopen zou. Daarna was het de gids die begon met het verhaal van de geschiedenis van het kasteel.

Hij voerde ons naar de Beierse zaal dat bedekt is door een indrukwekkend Schenkelkap-constructie die toen vooral in kerken voorkwam. De eerste vermelding van deze ruimte dateert uit 1462, in 1415/1416 staat ze vermeld als mijns heeren camer en  saelcamer. Hierna vertelde hij op de binnenplaats over de later aangebrachte vleugels, b.v. de west vleugel dateert uit ongeveer 1520, de zuid- en de oost vleugel zijn nog later aangebracht.

Tussen de west- en zuid vleugel door bereikten we de gewelven. Deze zijn bijzonder omdat men overdekt bij de vier hoek torens kan komen, dit komt in Nederlandse kastelen nauwelijks voor.

 

Deze gewelven waren voor de restauratie, van 1986/1989, grotendeels ingestort en met puin gevuld. Ze zijn uitgegraven en weer in ere hersteld. Het is goed zichtbaar waar het oude en het nieuwe metselwerk zich bevind. Verder vielen de vele lampnissen op en was er een gemak aanwezig. Alleen de noord vleugel staat op het gewelf gemetseld. Hier onder waren ook cellen. Een gerestaureerde cel heeft Jan de Bakker als logé gehad, zegt men. Het westelijke gewelf wordt nu gebruikt als tentoonstellingsruimte en andere als opslag van het restaurant.

Foto: dhr. J.C. Brandhorst

Na deze rondleiding begaven we ons naar de auto’s en namen de weg naar het dorp Linschoten met de gelijknamige buitenplaats.

Dit ongeveer 450 ha grote landgoed is het grootste in de randstad. Het is sinds 1969 eigendom en in beheer van de stichting. Er worden excursies gehouden in huis en het bos en kleinschalige concerten.

Foto: dhr. J.C. BrandhorstWij verzamelden ons op het parkeerterrein en begaven ons, over de dijk, naar het immense mooie toegangshek uit ca. 1725 met zijn vier zuilen. Een aantal van ons nam het pad naar de ijskelder en enkelen benaderden het in 1638 gebouwde buiten. Het Huis Linschoten is een omgracht huis van 18 x 20 meter. Wij zien nu het in 1720 ingrijpend verbouwde huis, liggende in het in 1834 door J.D. Zocher ontworpen park met links een Zocher brug.

In 1849 sterft de familie Strick van Linschoten  uit, uiteindelijk krijgt de familie Peletier het in handen. Een kleinzoon richt de Peletier stichting op die nog steeds voor het behoud van het landgoed zorgt.

Omdat het huis vanaf de 19e eeuw nauwelijks nog bewoond werd is de inrichting nog uit die tijd. Zelfs het schilderwerk en de behangsels zijn grotendeels nog oorspronkelijk.

Nadat we verschillende vertrekken van de bel-etage en de kelder hadden gezien, verlieten wij het goed en verzamelden we ons op het parkeerterrein waar we door Alexandre werden voorzien van een lunch pakket, die we lekker in het zonnetje verorberden

.Foto: dhr. J.C. Brandhorst 

We hadden hierna ruim de tijd om ons naar het gebouw, van de Historische Vereniging Vleuten - De Meern – Haarzuilens, te begeven. In het houten verenigingsgebouw stond men ons al op te wachten en nadat een ieder was gearriveerd verhaalde men ons over de loop van de Rijn in de voor Romeinse tijd en over de kastelen die aan deze zijde van Utrecht staan of hadden gestaan. Dit ging gepaard met lichtbeelden.

Foto: dhr. J.C. Brandhorst

De kastelen die tijdens de lezing aan de orde kwamen waren: Huis Voorn, Nyeveld, Harmelen, Den Ham, Bottestein, Zuileveld,Vleuten, Den Engh, Hof ter Weyde, De Hoed, Den Eyck, Ter Mey en De Haar.

Foto: Gemeente Utrecht

Op één der afbeeldingen was ook de plaats te zien waar het Romeinse Castellum heeft gestaan en waar, in 2003, een 25 meter lang schip werd opgegraven dat nu wordt geconserveerd. Het ligt in de bedoeling om op korte termijn het castellum te herbouwen op de oorspronkelijke plaats. Naast een theater en horeca krijgt het een museale functie waarin ook de opgravingen en het schip worden opgenomen. Het complex krijgt een houten omwalling van 6 meter hoog en breed met 10 meter hoge torens.

 Dit Castellum Hoge Woerd moet met zo’n twee jaar gerealiseerd zijn en wordt landelijk bekend gemaakt. Ook is men bezig om de Limes in het gebied aan te geven.

 

Na deze lezing werden de mensen die zich hadden ingezet voor deze excursie bedankt en beloond. Jurgen van der Kooij had nog een wandeltocht van de Voordes in Rijswijk als verrassing voor de deelnemers, dit in verlengde van de succesvolle Rijswijkse excursie.

 

Hierna kon men nog de tentoonstelling over het castellum, met opgravingsresten, maquettes van enkele kastelen en foto’s bewonderen. Na nog een borrel en een gezellig samenzijn ging men voldaan en weer wat wijzer naar huis. Nu weer wachten op het komende jaar voor de volgende bijeenkomst.

Was u er niet bij, jammer, dan maar een volgende keer.

Hans Brandhorst

2000 © Kastelenstichting Holland en Zeeland 2011