|
|
"Verdwenen Huysen" |
|
||
| Last update |
![]() Het kasteel in het Kabinet van Nederlandsche Gezigten, 1743 |
02-10-11 | ||
|
Het kasteel van Sint-Maartensdijk |
||||
|
Van het ooit zo indrukwekkende kasteel te Sint-Maartensdijk, dat met
zijn stallen, tuin
|
|
De eerste vermelding van het slot dateert van 1342, toen
het nog in handen was van de familie van Overbordene en
door de Van Borsseles werd belegerd. In datzelfde jaar
nog zou het kasteel definitief in handen van de Van
Borsseles zijn gekomen, zo wordt wel gesteld in de
literatuur, maar harde bewijzen hiervoor ontbreken. Het
ligt voor de hand, dat het kasteel tijdens genoemde
belegering schade opliep en moest worden opgeknapt of
herbouwd.
Waarschijnlijk is het kasteel in deze
|
|
Via de families Van Egmond en Van Buren kwam het
kasteel in 1549 via vererving met de
Oudste afbeelding St. Maartensdijk anno 1550
Kasteel van Sint Maarten en de Oranjes Bij haar overlijden in 1558 vererfden de goederen,
die zij in het huwelijk had ingebracht, op haar kinderen Filips Willem
en Maria. Vanwege zijn rol in de opstand tegen Spanje werden Willem van Oranjes goederen in 1568 geconfisqueerd.
Als gevolg van de jarenlange verwaarlozing tijdens
de Tachtigjarige Oorlog raakte het kasteel onttakeld. Vooral de jaren
1575-1576 hadden een zware tol geëist. |
|
In 1577, met de pacificatie van Gent, kreeg
Willem van Oranje zijn goederen terug en zou Maria de Burense
bezittingen beheren, aangezien haar broer Filips Willem als gijzelaar in
Spanje verbleef. Een storm in 1578 richtte ook zware schade aan. Uit de rekeningen blijkt dat er met lapwerk werd volstaan. Een grootscheepse renovatie bleef uit, zodat in de decennia daarna steeds sprake is van omvallende muren en invallende daken die gerepareerd moesten worden.
Na de dood van Willem van Oranje ontstonden er
problemen over de verdeling van de erfenis. Omdat Maurits aanspraak
meende te hebben op bepaalde erfgoederen van zijn vader, in Zeeland,
liet Maria zich in 1585 huldigen als vrouwe van Sint-Maartensdijk. In 1606 sloten Maria en Filips Willem een
overeenkomst waarbij hij alles terugkreeg en zij met een jaarlijkse
schadeloosstelling van 10.000 gulden genoegen moest nemen.
In 1625 stierf prins Maurits en werd opgevolgd
door prins Frederik Hendrik. Frederik Hendrik was een vermogend man.
Vandaar dat er tijdens zijn regime weer wat in het slot werd
geïnvesteerd. De ingrepen die destijds plaatshadden, waren, behoudens
het bouwen van een nieuwe kapel op de nederhof, niet bijzonder
ingrijpend. Sint-Maartensdijk werd geen Honselaarsdijk, Huis ter
Nieuburch of Huis ten Bosch. Er werd slechts een dak vernieuwd van een
gebouw dat stormschade had opgelopen, het duifhuis in de plantage werd
wegens bouwvalligheid afgebroken en om de entree van het kasteel te
sieren, sneed Het hof te Sint-Maartensdijk anno 1621 Frederik Hendrik stierf in 1647. Daarmee lijkt
het ook gedaan te zijn geweest met de
In januari 1685 werd François Leidecker
(1650-1718) door Willem III tot baljuw en drossaard van
Sint-Maartensdijk benoemd en tevens tot schout. Het jaar na zijn
benoeming vond er een inspectie plaats op last van de Nassause
Domeinraad. Geconstateerd werd dat de rentmeester het slot bewoonde en
in orde en geschiktheid hield. Met de aanleg van een bos in de Herenhoek
werd in 1688 begonnen. In 1694 kreeg Leidecker toestemming nog eens
Het kasteel te St. Maartensdijk anno 1695 De interesse van de Oranjes voor
Sint-Maartensdijk was niet van lange duur gebleken. Wat evenmin zal hebben bijgedragen aan een
optimale conservering van het hof, was het feit dat de rentmeester zelf
zorg moest dragen voor de staat van Omdat deze regeling inderdaad slecht onderhoud
in de hand werkte, werd deze in
De teloorgang van het kasteel In 1695 was het opperhof in verval en vanaf
1710 was het gesloopt zo valt op
In 1744 is de gracht tussen
opperhof en moestuin is gedempt, de muren zijn geslecht
en het geheel getransformeerd in een complex van tuinen.
Desondanks werd het kasteel destijds nog altijd als
fraai omschreven.
In 1753 noteerde Isaak Tirion in zijn ‘Tegenwoordige Staat der Vereenigde Detail van het kasteel in 1807 |
![]() Renaud te midden van de opgraving van de hoofdburcht |
|
Het kasteelterrein te
Sint-Maartensdijk werd in de jaren 1965-1968, onder leiding van Prof.
J.G.N. Renaud, archeologisch onderzocht. Kleinschalige opgravingen in 2003 leverden aanvullende gegevens op aangaande de inrichting
van het kasteelterrein.
leest u in het onlangs verschenen boekje;
Het Kasteel van Sint-Maartensdijk en zijn bewoners Jaarboek 2010 van de Kastelenstichting Holland en Zeeland
Het boekje bevat; 175 pagina’s
ISBN 978-94-6169-084-5
De verkoopprijs is € 17,50 (excl. verzendkosten)
Het boekje is te bestellen bij de KSHZ
|
|
Bron en afbeeldingen: Jaarboek 2010 - Het Kasteel van Sint-Maartensdijk en zijn bewoners |